Hoe werkt een PV-systeem?
Een PV-systeem bestaat uit zonnepanelen, een omvormer en een kilowattuurteller.
Zonnepanelen
Een zonnepaneel is opgebouwd uit zonnecellen die in serie geschakeld worden. Een
zonnecel is een dun plaatje halfgeleidend materiaal dat alleen goed geleidt als
er licht opvalt. Het meest gebruikte materiaal is silicium dat door een chemische
bewerking een negatieve bovenlaag en een positieve onderlaag krijgt.
Onder invloed van het licht ontstaat er een spanning in de zonnecel en gaat er tussen
de negatieve en positieve laag een elektrische stroom lopen.
Het PV-systeem zet dus zonne-energie om in gelijkstroom.
Omvormer
Een omvormer zet de geproduceerde gelijkstroom om in wisselstroom. Op die manier
kan de opgewekte elektriciteit ofwel direct gebruikt worden ofwel in het elektriciteitsnet
gevoed worden.
Teller
Er wordt een aparte teller geplaatst om het volume energie dat het PV-systeem produceert
bij te houden. Dit ook met het oog op het aanvragen van de groenestroomcertificaten.
(zie subsidies)
|